I Tjing Centrum Nederland

 
  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size

Boekrecensie: 'De Beeldende I Tjing' van Joop van Hulzen

E-mail Print

Men kan wel de stad verleggen, maar de waterput niet

Heeft Joop van Hulzen de I Tjing ‘verlegd’? Dit jaar is zijn De Beeldende I Tjing verschenen. De ondertitel Een nieuwe vertaling van het klassieke wijsheidsboek kondigt een ambitieus werk aan. De I Tjing kreeg niet alleen een nieuwe interpretatie, maar ook een boeiende inleiding en praktische bijdragen. Op het achterplatten laat de schrijver weten, dat hij naast toegankelijkheid ook diepgang wil bieden.

De Beeldende I Tjing is rond Hexagram 48 Tjing/De Waterput opgebouwd. In dit hexagram van wind boven water wordt vanouds de werking van het onveranderlijke menselijke karakter herkend. In het hexagram schuilt een paradox. De put zet zaken in beweging, maar blijft wel zichzelf gelijk. Daarmee is het een symbool voor de eeuwenoude manier, waarop aan elementaire levenseisen voldaan wordt. ‘Zij komen en gaan en scheppen uit de waterput.’

De I Tjing leert dat het leven onuitputtelijk is, en deze karakteristiek vindt Van Hulzen bij de diepgang van het orakelboek passen.

De metafoor van de waterput wijst ook op een risico: want het touw kan breken, de kruik kan barsten... ‘Dan brengt dat ongeluk’, aldus de I Tjing. Onachtzaamheid brengt gevaar mee en dit gevaar dreigt ook voor wie de I Tjing ‘verlegt’. Het is dan ook de vraag of Van Hulzens versie de I Tjing in zijn waarde laat.  

Van Hulzen's achtergrond zijn de klassieke talen. Hij schreef eerder Handboek I Tjing en Werken met de I Tjing. Hij adviseert met behulp van astrologie, Tarot en I Tjing en geeft gesprekstherapie. De Beeldende I Tjing onderscheidt zich naar zijn zeggen vooral omdat de trigrammen opnieuw zijn verwoord. Inderdaad is hier veel zorg aan besteed. Van ‘De waterput’ maakt Van Hulzen ‘De bron bevat koel en helder water, gereed om van te drinken’. Maar Van Hulzen heeft de volledige ‘verouderde’ vertaling van Richard Wilhelm uit 1923 onder handen genomen en ‘wat vriendelijker, wat zachter, wat daoïstischer’ gemaakt.

In zijn behartenswaardige inleiding gaat Van Hulzen in op de relatie tussen de I Tjing enerzijds en het Daoïsme en de twee andere hoofdstromingen van het Chinese denken anderzijds. Deze oefenden op het interpreteren van de I Tjing invloed uit, lang nadat het boek vorm had gekregen. Boeddhisme noemt Van Hulzen een ‘te wijde rivier’ om op in te gaan. Hij had een parallel kunnen schetsen tussen de Boeddhistische deugd van nederigheid en het beeld dat de I Tjing oproept, namelijk dat er processen zijn die ons overstijgen. Wel noemt hij overeenkomsten met het Confucianisme. De grondlegger hiervan worden overdenkingen in de I Tjing toegedicht. Confucius bracht de eenheid van hemel, aarde en mens met deugden in verband. Van Hulzen bespreekt uitvoerig deze goede eigenschappen die tot innerlijke harmonie leiden. Ook de veranderingen, omschreven in de I Tjing, werken op deze niveaus uit. De trigrammen, die in paren hexagrammen vormen, kunnen elk als een mens tussen hemel en aarde opgevat worden. De Dao laat zich minder gemakkelijk in steekwoorden vangen. Deze ‘weg’ is een oude leer, die de ware natuur van de wereld openbaart. In ‘tienduizend dingen’ wisselen yin en yang elkaar af; iedere actie roept een tegenactie op. Daarbij houdt de Dao ons voor, dat ‘het zachtste ding in de wereld het hardste kan overwinnen’. Van Hulzen omhelst dit kosmisch ritme, maar waarschuwt dat het wel een natuurlijke beleving moet zijn, ‘reëel, zonder begoocheling’.  

Weinig boeken kregen zo vaak nieuwe gestalte als de I Tjing. In ons taalgebied vonden tientallen interpretaties hun weg naar de lezers. Het is dan ook de vraag, wat De Beeldende I Tjing hier aan toevoegt. Met zijn versie wil Van Hulzen een verantwoordelijke popularisering bieden. De leesbaarheid is volgens hem in de eerste plaats een kwestie van toon. Het beeld van De Waterput vertaalde Richard Wilhelm aldus: ‘Zo moedigt de edele het volk aan/ En vermaant hij het, elkaar te helpen.’ Van Hulzen laat ‘de edele’ weg, wellicht omdat de term vaak tot verwarring leidt. Voor hem volstaat: ‘Met volharding en helderheid kan het diepe water geput worden, tot ieders vreugde.’ Zijn uitleg bij de zes lijnen is steeds heel vrij en direct. Veel lezers zullen een welkom houvast hebben aan de bondige taal. Soms schiet de versimpeling echter door en soms psychologiseert Van Hulzen wat oneigenlijk. Een advies in dit hexagram luidt: ‘werk aan jezelf’. Dit modieuze woordgebruik haalt zichzelf snel in.  

Klassieke boeken worden geregeld opnieuw vertaald. Recente Bijbel- en Koran-vertalingen voldeden aan een grote behoefte. Tekstvernieuwers willen zonder uitzondering de jonge generatie aanspreken. De wens om het lezerspubliek te verbreden mag echter geen eigen leven gaan leiden. Wat te denken van een brievenuitgave van Vincent van Gogh, waarin hij zijn broer met ‘jij’ in plaats van met ‘gij’ aanspreekt? Mogelijk leesbaarder, maar zeker armer. Waarom zou je Jan Slauerhoff's dichtregel ‘Met een vrouw op de gedeelde sponde’ als obsoleet afdoen? Door oudere woorden te handhaven blijft een taal levend. Ook de Wilhelm-vertaling voldoet in de ogen van vele gebruikers nog uitstekend. Bij een nieuwe uitgave kunnen enkele voetnoten bij in onbruik geraakte woorden volstaan. Een nieuwe versie dringt zich alleen op, als het inzicht in de betekenis van begrippen is gegroeid. Dit is dankzij de archeologie bij oude Chinese karakters geregeld het geval. Daarvan is het karakter voor ‘waterput’ een voorbeeld: de stip in het midden stelt volgens sinologe Cecilia Lindqvist geen gebroken kruik maar een houten emmer voor. Dat is Van Hulzen om het even. Hij maakt ook geen werk van begrippen, die voor meer dan een uitleg vatbaar zijn. Hij heeft dan ook niet vanuit het Chinees vertaald. Ook is hij vrij met de tekstindeling omgegaan, zodat bijvoorbeeld ‘Het Oordeel‘ geen eigen plek meer heeft. De Beeldende I Tjing laat zich dan ook beter naast een één-op-één vertaalde I Tjing lezen dan in plaats daarvan. En Van Hulzen kan zich beter een tekstsamensteller of hertaler noemen.  

Het boek laat nog een kans liggen. Van Hulzen bespreekt namelijk wel dat het orakel dankzij resonantie en synchroniciteit werkt, maar licht dit niet duidelijk toe. Hij haalt Carl Gustav Jung aan om resonantie vanuit de psychologie te verklaren. Jung kwam tot de slotsom, dat het orakel geen bewijzen levert: ‘Het leurt niet met feiten of macht, maar voor hen, die streven naar zelfkennis, naar wijsheid – als er zoiets bestaat – is het wellicht het juiste boek.’ Ook voor Van Hulzen blijft de werking van het orakel een mysterie, dat ‘de rationele verklaring ontstijgt’. Sinds de dagen van Jung weten we meer over synchroniciteit; kennis die Van Hulzen had kunnen benutten.  

Wat De Beeldende I Tjing toevoegt aan de I Tjing-literatuur is de verzorgde stijl en doordachte aanpak. Heel bijzonder zijn de verhalen, waarin zes cliënten van Van Hulzen samen met hem de I Tjing raadplegen. Ook verdient vermelding, dat de uitgave kwalitatief hoogstaand is. Het gebonden boek ligt goed in de hand, het papier gaat stevig door de vingers, de typografie is een lust voor het oog.

In zijn opzet om een even helder als gefundeerd boek te schrijven is Van Hulzen niet helemaal geslaagd. Zijn degelijke aanpak lijdt onder eigenaardigheden, die het snel gedateerd zullen maken. Genoemd zijn de uitglijders in het taalgebruik, die van het orakel een therapeutisch handboek dreigen te maken. Ook het westers godsbeeld dat lezers voorgehouden wordt, doet wezensvreemd aan. Terwijl de schrijver opmerkt dat Richard Wilhelm nog onder de geestelijke macht van de kerk werkte, legt hij zelf een verband tussen de raadgevingen van de I Tjing en het Christelijke ‘Uw wil geschiede’. Niet iedereen heeft behoefte aan zo’n new age kruisbestuiving. Van Hulzen heeft met goede bedoelingen een eigentijdse I Tjing geschreven, vlot en karaktervol. Deze leesbaarheid wint het van de diepgang. De beeldende I Tjing mag er zijn, maar zal niet iedereen aanspreken.  

Boekgegevens

Joop van Hulzen
De beeldende I Tjing
Gebonden, 352 pagina’s
Utrecht/Antwerpen (Kosmos) 2007
ISBN 9789021522401
€ 29,95
 

Add your comment

Your name:
Your email:
Your website:
Comment (you may use HTML tags here):
  The word for verification. Lowercase letters only with no spaces.
Word verification: